Ga verder naar de inhoud

KC32/24-0002

Ongegrond KC - Turnhout Klachtencommissie Andere beslissing directeur Ordemaatregel
ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG - CELMUTATIE

In het voorliggend dossier oordeelde de directie dat klager niet langer geschikt was voor het uitoefenen van zijn job als diender omdat ze klager niet langer betrouwbaar acht. Ze verwijst in dat kader naar twee incidenten (ontvreemden koffiemok en doorgeven tabak onder de deur van een medegedetineerde). Klager voert in zijn klacht enkel elementen aan die te maken hebben met het tweede incident. De klachtencommissie stelt vast dat er in de ontslagbeslissing geen sprake (meer) is van een briefje (dit werd enkel ten overstaan van het bewakend kader verklaard), zodat het argument dat klager hierover aanvoert (het niet mogen zien van dit briefje) niet van die aard is om te doen twijfelen aan de wettigheid van de ontslagbeslissing. Volgens de klachtencommissie stelt de motivering van de ontslagbeslissing klager voldoende in staat om de reden van zijn ontslag te begrijpen. De ontslagbeslissing is dan ook wettelijk. De klachtencommissie acht de beslissing, gelet op de twee incidenten, ook redelijk. De klacht is ongegrond.

De bevoegdheid tot toewijzing van een verblijfsruimte aan de gedetineerde is een discretionaire bevoegdheid van de directeur die niet nader geregeld wordt in de Basiswet. De klachtencommissie kan dan ook enkel overgaan tot het toetsen van de redelijkheid van de beslissing. De klachtencommissie stelt op basis van het verweer van de directie vast dat de mutatie werd ingegeven door het ontslag van klager als diender en hiervan eigenlijk een automatisch gevolg was. Klager verbleef immers in een cel die omwille van de ligging specifiek voorbehouden is voor de diender. De klachtencommissie acht de beslissing van de directie om klager, gelet op zijn ontslag als diender, een andere verblijfsruimte toe te wijzen, redelijk. De klacht is ongegrond.