KC32/24-0017
Ongegrond
Onontvankelijk
KC - Turnhout
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
Geen beslissing directeur
CELCONTROLE - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - PERSONEEL
De celcontrole waarover klager zich beklaagt gebeurde op uitdrukkelijke beslissing van de directie. Ze werd bevolen naar aanleiding van concrete aanwijzingen dat klager in het bezit zou zijn van een smartphone, doordat een personeelslid hem hoorde roepen dat hij na de sluitingsronde naar iemand buiten de muren zou bellen van zodra de data op zijn gsm stond. De klachtencommissie acht de controlemaatregel gerechtvaardigd ten opzichte van het doel ervan. De klachtencommissie acht het bovendien niet onredelijk dat de cellen van bepaalde gedetineerden vaker worden onderzocht (zelfs al is dat tweemaal vrij kort na elkaar) wanneer er dergelijke aanwijzingen zijn. De klachtencommissie acht de beslissing om klager zijn cel te doorzoeken wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.
Klager voert aan dat het personeel hem tijdens de celcontrole uitschold en verboden voorwerpen neerlegde. Ook zou briefwisseling zijn gelezen. De klachtencommissie merkt op dat klager dit alles (en met name inzake het planten van bewijs door het personeel) niet ter sprake bracht tijdens de navolgende tuchtprocedure. Hetgeen klager in zijn klacht aanhaalt betreft volgens de klachtencommissie in elk geval (vermeend) gedrag van het personeel dat niet in verband gebracht kan worden met een beslissing van de directeur. De klacht is niet-ontvankelijk.
De celcontrole waarover klager zich beklaagt gebeurde op uitdrukkelijke beslissing van de directie. Ze werd bevolen naar aanleiding van concrete aanwijzingen dat klager in het bezit zou zijn van een smartphone, doordat een personeelslid hem hoorde roepen dat hij na de sluitingsronde naar iemand buiten de muren zou bellen van zodra de data op zijn gsm stond. De klachtencommissie acht de controlemaatregel gerechtvaardigd ten opzichte van het doel ervan. De klachtencommissie acht het bovendien niet onredelijk dat de cellen van bepaalde gedetineerden vaker worden onderzocht (zelfs al is dat tweemaal vrij kort na elkaar) wanneer er dergelijke aanwijzingen zijn. De klachtencommissie acht de beslissing om klager zijn cel te doorzoeken wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.
Klager voert aan dat het personeel hem tijdens de celcontrole uitschold en verboden voorwerpen neerlegde. Ook zou briefwisseling zijn gelezen. De klachtencommissie merkt op dat klager dit alles (en met name inzake het planten van bewijs door het personeel) niet ter sprake bracht tijdens de navolgende tuchtprocedure. Hetgeen klager in zijn klacht aanhaalt betreft volgens de klachtencommissie in elk geval (vermeend) gedrag van het personeel dat niet in verband gebracht kan worden met een beslissing van de directeur. De klacht is niet-ontvankelijk.