KC32/24-0130
Ongegrond
Onontvankelijk
KC - Turnhout
Klachtencommissie
Voorlopige maatregel
Tucht
VOORLOPIGE MAATREGEL - TERMIJN - TUCHT - MOTIVERING
Klager zijn klacht tegen de voorlopige maatregel van 21 mei 2024 werd schijnbaar laattijdig ingediend. De klachtencommissie meent echter dat het om een materiële vergissing gaat, en dat klager zich ook in dossier KC32/24-0130 (opnieuw) wenste te beklagen over de voorlopige maatregel van 27 mei 2024. De klachtencommissie verwijst naar haar beslissing in KC32/24-0129 (onder titel 3.1). De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) inhoudelijk beoordelen. De klacht is niet-ontvankelijk.
De directeur heeft zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen zoals opgenomen in het RAD. Klager verscheen niet ter tuchtzitting en voerde aldus geen tegenindicaties aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte op basis van het RAD. De directie kwalificeerde de feiten als de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet), het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden (artikel 130, 1° Basiswet) en het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel van de gevangenis (artikel 130, 3° Basiswet). De klachtencommissie acht deze drie kwalificaties correct en afdoende gemotiveerd. Klager pleegde één inbreuk van de eerste en twee inbreuken van de tweede categorie. Klager kreeg 15 dagen ATV voor de nieuwe feiten. Daarnaast werd ook de sanctie van 5 dagen ATV die eerder voorwaardelijk werd opgelegd, in uitvoering gebracht. Klager haalt in zijn aanvullend schrijven argumenten aan waarom hij deze eerder opgelegde sanctie (naar aanleiding van het incident van 15 mei 2024) onterecht achtte. De klachtencommissie merkt echter op dat klager er destijds geen klacht tegen indiende. De klachtencommissie is niet meer in de mogelijkheid om dit eerder incident te beoordelen. De klachtencommissie acht de sanctie wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.
Klager zijn klacht tegen de voorlopige maatregel van 21 mei 2024 werd schijnbaar laattijdig ingediend. De klachtencommissie meent echter dat het om een materiële vergissing gaat, en dat klager zich ook in dossier KC32/24-0130 (opnieuw) wenste te beklagen over de voorlopige maatregel van 27 mei 2024. De klachtencommissie verwijst naar haar beslissing in KC32/24-0129 (onder titel 3.1). De klachtencommissie kan de klacht niet (opnieuw) inhoudelijk beoordelen. De klacht is niet-ontvankelijk.
De directeur heeft zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen zoals opgenomen in het RAD. Klager verscheen niet ter tuchtzitting en voerde aldus geen tegenindicaties aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte op basis van het RAD. De directie kwalificeerde de feiten als de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet), het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden (artikel 130, 1° Basiswet) en het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel van de gevangenis (artikel 130, 3° Basiswet). De klachtencommissie acht deze drie kwalificaties correct en afdoende gemotiveerd. Klager pleegde één inbreuk van de eerste en twee inbreuken van de tweede categorie. Klager kreeg 15 dagen ATV voor de nieuwe feiten. Daarnaast werd ook de sanctie van 5 dagen ATV die eerder voorwaardelijk werd opgelegd, in uitvoering gebracht. Klager haalt in zijn aanvullend schrijven argumenten aan waarom hij deze eerder opgelegde sanctie (naar aanleiding van het incident van 15 mei 2024) onterecht achtte. De klachtencommissie merkt echter op dat klager er destijds geen klacht tegen indiende. De klachtencommissie is niet meer in de mogelijkheid om dit eerder incident te beoordelen. De klachtencommissie acht de sanctie wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.