Ga verder naar de inhoud

KC32/25-0107

Ongegrond KC - Turnhout Klachtencommissie Tucht
TUCHT - BEWIJS - GEÏNTERNEERDE - MOTIVERING

De klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing waarbij klager werd gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen of de bedreiging daarmee, een tuchtinbreuk van de eerste categorie. Tijdens de wandeling was er een gevecht ontstaan tussen klager en een medegedetineerde. In eerste instantie meent de klachtencommissie dat het RAD duidelijk werd opgesteld. Bovendien werd het RAD ondertekend door een getuige. De klachtencommissie is ook van oordeel dat klager geen overtuigende elementen heeft aangevoerd waaruit de klachtencommissie kan afleiden dat het rapport geen correcte weergave zou zijn van de feiten. Hoewel klager tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting aangeeft dat hij het slachtoffer was, is het op basis van het RAD duidelijk dat er geweld werd gebruikt, ongeacht wie het gevecht heeft gestart. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager.

Aangezien klager geïnterneerd is, moet de directeur in de motivering elementen opnemen op basis waarvan hij de geïnterneerde verantwoordelijk acht voor zijn daden. In het voorliggend dossier motiveert de directie dat ze klager verantwoordelijk acht voor de hem ten laste gelegde feiten, erop wijzend hoe klager vlak na de feiten helder in gesprek ging met de Technisch Deskundige Bewaking en de medewerkers. De klachtencommissie stelt vast dat de directie zich zo goed als mogelijk over de toestand van klager op het moment van de feiten heeft uitgesproken. Volgens de klachtencommissie werd de toerekenbaarheid van de feiten afdoende gemotiveerd. De motivering voldoet aan artikel 144 §6 j° artikel 8 Basiswet.

De klacht is kennelijk ongegrond.