KC32/25-0116
Ongegrond
KC - Turnhout
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
SCHADE
In het voorliggend dossier was er volgens de klachtencommissie sprake van een beslissing van de directeur ten aanzien van klager, aangezien er beslist werd dat klager de schade aan de ijskast zou moeten betalen. Hoewel het schadegeval zich op 10 mei 2025 voordeed en het document inzake de schadevergoeding op die datum werd opgemaakt en klager zijn klacht hiertegen pas op 4 juni 2025 indiende, valt volgens de klachtencommissie uit het overgemaakte document niet duidelijk af te leiden wanneer klager dit voorstel voor een eerste keer voorgelegd kreeg. De klachtencommissie beschouwt de klacht dan ook als zijnde tijdig ingediend. De klacht is ontvankelijk.
De klachtencommissie wijst erop dat op het ogenblik van indiening van de klacht enkel zeker was dat de directie enige schade op klager zou willen verhalen. Het bedrag van deze schade werd pas nadien (begin juli) vastgelegd op 100 EUR. Dit aspect dateert van nĂ¡ de indiening van de klacht, zodat de klacht zich hier niet toe uitstrekt. De beslissing die ter toetsing van de klachtencommissie voorligt betreft dan ook enkel de beslissing om de schade van de ijskast op klager te verhalen. Aangezien klager in zijn klacht zelf toegeeft dat hij de deur van de ijskast aftrapte, meent de klachtencommissie dat het inderdaad wettelijk en redelijk was om de schade aan de ijskast op klager te verhalen. Dat de ijskast volgens klager voorheen al kapot was, doet hieraan geen afbreuk. De klacht is ongegrond.
In het voorliggend dossier was er volgens de klachtencommissie sprake van een beslissing van de directeur ten aanzien van klager, aangezien er beslist werd dat klager de schade aan de ijskast zou moeten betalen. Hoewel het schadegeval zich op 10 mei 2025 voordeed en het document inzake de schadevergoeding op die datum werd opgemaakt en klager zijn klacht hiertegen pas op 4 juni 2025 indiende, valt volgens de klachtencommissie uit het overgemaakte document niet duidelijk af te leiden wanneer klager dit voorstel voor een eerste keer voorgelegd kreeg. De klachtencommissie beschouwt de klacht dan ook als zijnde tijdig ingediend. De klacht is ontvankelijk.
De klachtencommissie wijst erop dat op het ogenblik van indiening van de klacht enkel zeker was dat de directie enige schade op klager zou willen verhalen. Het bedrag van deze schade werd pas nadien (begin juli) vastgelegd op 100 EUR. Dit aspect dateert van nĂ¡ de indiening van de klacht, zodat de klacht zich hier niet toe uitstrekt. De beslissing die ter toetsing van de klachtencommissie voorligt betreft dan ook enkel de beslissing om de schade van de ijskast op klager te verhalen. Aangezien klager in zijn klacht zelf toegeeft dat hij de deur van de ijskast aftrapte, meent de klachtencommissie dat het inderdaad wettelijk en redelijk was om de schade aan de ijskast op klager te verhalen. Dat de ijskast volgens klager voorheen al kapot was, doet hieraan geen afbreuk. De klacht is ongegrond.