Ga verder naar de inhoud

KC33/22-0029

Ongegrond KC - Wortel Klachtencommissie Fouille op het lichaam
FOUILLE LICHAAM

Volgens de Basiswet kan een gedetineerde enkel gefouilleerd worden op het lichaam wanneer de directeur van oordeel is dat er individuele aanwijzingen zijn dat een onderzoek aan de kledij niet volstaat om het bezit van verboden voorwerpen of substanties te achterhalen. Dit principe werd ook bevestigd door de Beroepscommissie bij de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen en blijkt ook duidelijk uit de formulering van het door de directie in te vullen sjabloon (bijlage bij collectieve brief nr. 141).
De collectieve brief nr. 141 bepaalt de voorwaarden waarbinnen de directeur een beslissing tot onderzoek aan het lichaam kan nemen. Zo moet de directeur een individueel gemotiveerde beslissing nemen en het daarvoor bestemde standaardformulier gebruiken. De collectieve brief herinnert dat fouillering op het lichaam geen tergend karakter mag hebben en moet gebeuren met eerbiediging van de waardigheid van de gedetineerde.
Uit het dossier blijkt dat de directie van de gevangenis van Turnhout bericht kreeg dat een broeksriem op klager zijn oude cel werd gevonden. In hetzelfde bericht werd meegedeeld dat dergelijke riem vaak gebruikt wordt om verboden voorwerpen en substanties binnen te brengen. De directie van de gevangenis van Turnhout vermoedde eveneens dat de riem van klager gezien werd toen hij het laatst een ongestoord bezoek had met zijn echtgenote. Hieruit kon de directie van de gevangenis van Wortel terecht individuele aanwijzingen afleiden dat klager mogelijks opnieuw zou proberen dergelijke zaken binnen te brengen na bezoek.
De klacht is ongegrond.