Ga verder naar de inhoud

KC33/24-0089

Gegrond KC - Wortel Klachtencommissie Tucht
TUCHT - MOTIVERING

De klacht betreft een tuchtbeslissing van 05/08/2024 van de directie van de gevangenis.

Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd voor de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee.
Ten aanzien van klager werd een RAD opgesteld op 02/08/2024 (feiten om 17.10 uur). Op de tuchtrechtelijke hoorzitting van 05/08/2024 heeft klager, bijgestaan door zijn raadsman, nogmaals uitgelegd dat hij terugkwam van VPV en er een aantal zaken niet in orde waren. Hij legt uit dat hij tegen de beambte heeft gezegd dat het genoeg was. Hij zou blijkbaar gezegd hebben dat hij naar de directie zou stappen en heeft toen een RAD gekregen. Zijn raadsman heeft benadrukt dat klager niemand heeft bedreigd.

De klachtencommissie merkt op dat de directie in haar tuchtbeslissing noteert dat er sprake is van ‘de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee’. De klachtencommissie acht het onvoldoende gemotiveerd waarom klager schuldig zou zijn aan de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit van personen, of de bedreiging daarmee van personen in de gevangenis. Zo wordt in de motivering van de tuchtbeslissing niet vermeld door welke specifieke gedragingen klager de psychische integriteit van de betrokken beambte zou hebben aangetast, dan wel hiermee zou hebben gedreigd. Dit komt evenmin onvoldoende duidelijk naar voren in het RAD, dat slechts in algemene termen omschrijft hoe klager zich op het moment van de feiten gedroeg.

In tegendeel wordt in het RAD geschreven dat klager het volgende heeft verklaard: “Doe de deur dicht want…”. Klager heeft aangegeven dat hij zijn geduld verloor en heeft verklaard dat de beambte derhalve de deur diende te sluiten. De klachtencommissie acht de tuchtinbreuk niet bewezen. De klachten is om deze redenen gegrond.