BC/23-0255
Ongegrond
Beroepscommissie
Beroepscommissie
Andere beslissing directeur
ANDERE BESLISSING VAN DE DIRECTEUR - REGIMEMUTATIE
Het beroep van het inrichtingshoofd is gericht tegen de vernietiging van de beslissing tot verwijdering uit de drugvrije afdeling.
Het inrichtingshoofd betwist de ontvankelijkheid van de klacht. De beroepscommissie bevestigt dat de beslissing tot verwijdering van de drugvrije afdeling wordt beschouwd als een beslissing namens de directeur. Een klacht is immers ook ontvankelijk wanneer zij gericht is tegen een beslissing die werd genomen door een dienst die van de penitentiaire inrichting deel uitmaakt en waarvoor de directie verantwoordelijk is. De klachtencommissie verklaarde de klacht terecht ontvankelijk.
De basiswet voorziet geen voorwaarden voor het nemen van de beslissing tot toewijzing van een bepaald regime. Het gaat om een discretionaire bevoegdheid van de directie die beoordeelt dient te worden op haar redelijkheid en billijkheid. Klager zou een contract ondertekend hebben waarin duidelijk staat dat fysieke agressie leidt tot een verwijdering op de drugvrije afdeling. Uit het mailverkeer blijkt evenwel dat er geen getekend contract terug is gevonden. Het inrichtingshoofd stelt ook dat klager de fysieke agressie bekend heeft en dat de camerabeelden opgeslagen werden. Evenwel bevat het dossier waarover de beroepscommissie beschikt geen meldingsverslag van de feiten, geen verslag van het rapport alsook geen camerabeelden. Uit het klachtenformulier, noch enig ander dossierstuk, blijkt geenszins dat klager de feiten toegegeven zou hebben.
De beroepscommissie oordeelt dat er geen zekerheid bestaat over de feiten.
De beroepscommissie bevestigt de beslissing van de klachtencommissie om de klacht tegen de verwijdering van de drugvrije afdeling door klager gegrond te verklaren.
Het beroep van het inrichtingshoofd is niet gegrond.